Afdrukken

Java bronzeman, Lonchura leucogastroides

Algemeen:

Nederlands: Java bronzeman.
Duits: Javabronzemannchen.
Engels: Java Mannikin.
Frans: Capucin de Java.

Het verspreidingsgebeid van de Java bronzeman beslaat de Indonesische eilanden Java, Bali en Lombok en aangrenzende punt van het eiland Sumatra. Hier bewonen ze in hoofdzaak met bomen en struiken begroeide graslanden. Ook worden ze gezien op de rijstvelden en in de nabijheid van menselijke bewoning.

De soort Java bronzeman kent geen ondersoorten.

Erfelijkheid en veerstructuur:
Bij de Java bronzeman wordt momenteel op experimentele basis met de geparelde mutatie gekweekt, door de heer M.Visser uit Ochten, welke op basis van transmutatie vanuit de Japanse meeuw is vastgelegd. De in de standaard aangegeven kleuren en kleurpatronen zijn dan ook meer een aanwijzing voor de kweekrichting, dan dat het nu al een vaststaand feit is. Wel dient echter streng gelet te worden op de soortkenmerken van de Java bronzeman.

Het mag niet zo zijn dat de geparelde kleurslag een kopie van de geparelde kleurslag bij de Japanse meeuw is.

Fysieke standaard van de Java bronzeman:

Formaat:
Een Java bronzeman moet 11 cm lang zijn.


Ringmaat:
2,5 mm.

Tekeningpatroon:
• Masker: De kleurscheiding loopt van de schedel, keel en borst tot een lijn juist achter de ogen en loopt door in een lijn langs de keel, om dan weg te buigen richting vleugelbochten. Aan de onderkant wordt dit masker strak afgescheiden door een lijn, welke loopt van vleugelbocht tot vleugelbocht. De kleurscheiding van borst en buik is scherp, De kleurscheiding tussen wangen en masker is vrij scherp.
• Schachttekening rug- en vleugeldek: Door de kleurloze schachten is op het rug- en vleugeldek een fijne crème bruine lengte bestreping zichtbaar.

Kleurslag:

Wildkleur:

Kleur:

 

Kop, keel en nek:

Zwartbruin. Op het achterhoofd gaat de zwartbruine kleur over in het donkerbruin van de nek. De wangen zijn donkerbruin.

Rug- en vleugeldek:

Donkerbruin.

Vleugelpennen en duimveren:

Donkerbruin.

Stuit :

Donkerbruin.

Bovenstaartdekveren:

Zwartbruin.

Staart:

Zwartbruin.

Borst, buik en flanken:

Zo helder mogelijk crème-wit van kleur.

Broek en pootinplant:

Zwartbruin.

Onderstaartdekveren:

Zwartbruin.

Poten:

Donkergrijs.

Nagels:

Zwart.

Snavel:

Bovensnavel zwart, ondersnavel blauwgrijs.

Ogen/Pupil:

Donkerbruin.

Tekeningkleur

 

Schachtstrepen rug-, vleugeldek:

Crème bruin.

Fysiek:

De Java bronzeman dient vol van volume te zijn, met een mooi ronde kop. Door onvoldoende kweekselectie ontstaan vaak iele vogels met een platte kop. Dit dient beoordeeld te worden in de rubriek model als minder gewenst.

Kleur:

Regelmatig komt het voor dat door veerplukken er in de nek en het vleugeldek witte veertjes zichtbaar worden. In het ergste geval kunnen zelfs witte vleugel en staartpennen worden waargenomen.
Betreffende witte veren zijn fout en dienen als kleurfout te worden aangemerkt.
De buikkleur dient eenkleurig crème wit van kleur te zijn.

Wanneer er op de buik veertjes missen, heeft dit tot gevolg dat er grijze veerbases zichtbaar worden.
Ook dan is er sprake van een kleurfout.
Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, tonen een niet volledig zwartbruin doorgekleurd masker, wat als een kleurfout is aan te merken.

Tekening:

De borst-buik afscheiding dient regelmatig en scherp te zijn, zonder lovering.
Een niet scherpe afscheiding dient te worden aangemerkt als een tekeningsfout. Jonge, nog niet volledig uitgekleurde vogels, bezitten geen schachtstrepen, wat als een tekeningsfout is aan te merken.


 Volledige, actuele standaardeisen zijn verkrijgbaar op de website van de NBvV..